| Author(s): | Witsen Elias, J.S. |
| Title: | De Nederlandsche koorbanken tijdens gothiek en renaissance |
| City: | Leiden |
| Year: | 1937 |
| Page details: | p. 78-81 |
| Author(s): | Witsen Elias, J.S. |
| Title: | Koorbanken, koorhekken en kansels |
| City: | Amsterdam |
| Year: | 1946 |
| Journal/Volume: | De schoonheid van ons land |
| Page details: | p.36-37 |
| General remarks: | Het koorgestoelte bestaat in het totaal uit dertig zetels, die in een hoekopstelling zijn geplaatst. Aan de noord- en zuidzijde staan twaalf zetels. De rijen lopen door aan de westzijde met drie zetels tegen het oksaal geplaatst. De vier lezenaars vertonen aan de voorzijde sporen van schilderingen. Verspaandonk vermeldt in zijn aantekeningen dat de drie zetels aan de westzijde niet in dezelfde tijd zijn ontstaan als de zetels tegen de noord- en zuidzijde. Hij leidt dit af uit het verschil in de armleuningen. De armleuningen van de zetels aan de westzijde steunen op gedraaide zuiltjes met gladde kapitelen. Terwijl de armleuningen van de lange rij steunen op achthoekige zuiltjes met bladwerk kapitelen. |